|
Semporna heeft wellicht de hoogste marine
biodiversiteit ter wereld
Record aantal soorten
gevonden waaronder enkele nieuwe garnalen en
krabben
De eerste resultaten van de Semporna Marine
Ecological Expedition (SMEE) eind 2010 duiden
erop dat Semporna wellicht de hoogste mariene
biodiversiteit ter wereld herbergt. Tijdens de
expeditie is een recordaantal van 43 soorten
paddenstoelkoralen gevonden. Bovendien zijn er
minstens twee garnalen en mogelijk enkele
galkrabben ontdekt die nieuw zijn voor de
wetenschap.
Achttien wetenschappers uit Maleisië, Nederland
en de Verenigde Staten hebben drie weken lang de
koraalriffen van Semporna, Sabah, Maleisië,
onderzocht. Het gebied is gelegen aan de
westelijke rand van de Koraaldriehoek, het
centrum van de mariene biodiversiteit. De
expeditie werd georganiseerd door Nederlands
Centrum voor Biodiversiteit (NCB) Naturalis, het
Wereld Natuur Fonds, Universiti Malaysia Sabah
(UMS) en Universiti Malaya (UM).
Tijdens de expeditie in Semporna zijn 43 soorten
paddenstoelkoralen gevonden, dat is een record.
In totaal bestaan er 50 soorten
paddenstoelkoralen. Het hoogste aantal dat tot
nu toe was geïnventariseerd was 40 soorten,
gevonden op verschillende plekken in Indonesië
en Papoea Nieuw-Guinea. “Paddenstoelkoralen
kunnen als representatieve indicatorgroep worden
gebruikt voor de biodiversiteitspatronen van
rifkoraalsoorten in het algemeen. Als we veel
verschillende soorten paddenstoelkoralen vinden,
duidt dat meestal ook op een extreem hoge
biodiversiteit in andere groepen koraalsoorten”,
zegt dr. Bert Hoeksema, hoofd Mariene Zoölogie
bij NCB Naturalis.
Hoeksema gaf leiding aan het biodiversiteitsteam,
dat de soortenrijkdom van paddenstoelkoralen,
rifvissen, garnalen, galkrabben, slakken en
algen in kaart bracht.
Dr. Charles Fransen ontdekte twee nieuwe
garnalensoorten en drs. Sancia van der Meij in
elk geval één nieuwe galkrab, die alle nog
onbekend zijn voor de wetenschap.
Ook de hoge aantallen vissoorten die op diverse
plekken geteld zijn, tonen aan dat Semporna een
van de rijkste gebieden binnen de Koraaldriehoek
is. Dr. Kent Carpenter, hoogleraar Biological
Sciences van Old Dominion University: “Op
sommige van de rijkste koraalriffen telden we
evenveel vissoorten als bij de hoogste tellingen
in de Filippijnen, en meer dan we zelf in
Indonesië hebben waargenomen.” Er zijn in totaal
844 soorten vis in Semporna geteld.
Het team dat de gezondheid van de riffen
analyseerde, gebruikte daarvoor een aangepaste
ReefCheck methode. Gedurende 60 duiken is in
totaal 12 kilometer koraalrif in kaart gebracht.
De eerste resultaten laten zien dat de
gezondheid van het rif varieert van slecht tot
uitstekend. Voor 5% van de in kaart gebrachte
gebieden was de bedekking door levend koraal “uitstekend”.
Voor 23% was dit “goed”, voor 36% “redelijk” en
voor 36% “slecht”. Op diverse plekken werden
tekenen van koraalverbleking en mogelijke
koraalziektes gezien. Semporna heeft
verschillende plekken met een goede
koraalbedekking, maar de invloed van de mens is
op bijna alle plekken zichtbaar, in de vorm van
explosiekraters, onontplofte bommen, verloren
vistuig en ander afval.
Met de conclusies dat de koraalbiodiversiteit
van extreem hoog niveau is, en dat
tegelijkertijd de riffen een relatief slechte
gezondheid vertonen, kan een goede basis gelegd
worden voor een duurzaam beheer van de riffen.
Semporna is niet alleen een top duikbestemming
dankzij het zeer bekende Sipadan, het kan
bovendien een van de belangrijkste hotspots voor
mariene biodiversiteit zijn binnen de
Koraaldriehoek en daarmee in de wereld. Vele
duizenden bewoners van het gebied zijn bovendien
voor hun voortbestaan en inkomen afhankelijk van
deze riffen.
Video’s met beelden van het onderzoek,
interviews van de expeditieleden, lokale
verhalen en de aankondiging van de resultaten
zijn te zien op: www.ncbnaturalis.nl.
Verlies van soorten is dure
aangelegenheid
Verlies van plant- en diersoorten kan Europa
jaarlijks tot 1,1 triljoen euro kosten. Dat
blijkt nu de Europese Commissie deze week
verschillende scenario's heeft geopenbaard over
het behoud van soorten na 2010. Het WNF pleit
voor scherpe maatregelen.
De Europese Unie moet veel ambitieuzere
maatregelen nemen om een verdere achteruitgang
van het aantal plant- en diersoorten binnen de
eigen grenzen te voorkomen. Daarvoor pleit het
WNF nu de Europese Commissie deze week
verschillende plannen presenteert om de
soortenrijkdom na 2010 binnen Europa op peil te
houden.
Uit de toekomstvisie komt naar voren dat Europa
steeds grotere risico’s loopt door het verlies
van plant- en diersoorten. Zo zijn we steeds
minder in staat om extreme weersomstandigheden,
zoals hevige regenval of grote droogte, op te
vangen. De voedselzekerheid en werkgelegenheid
kunnen in gevaar komen en de opbrengst van
landbouw- en visgronden gaat achteruit. Naast
veiligheidsrisico’s, heeft de EU becijferd dat
de economische schade kan oplopen tot 1,1
triljoen euro per jaar in 2050.
Uitsterven
Het beleid van Europa om het verlies van plant-
en diersoorten een halt toe te roepen, loopt dit
jaar af. Vandaar dat de EU momenteel werkt aan
nieuwe plannen. Wereldleiders spraken in 2002 in
Johannesburg met elkaar af het uitsterven van
soorten om 2010 tot staan moest zijn gebracht of
op zijn minst significant moest zijn afgenomen.
De Verenigde Naties riepen 2010 daarom uit tot
het internationale jaar van de biodiversiteit.
Maar ondanks alle mooie voornemens, blijkt uit
het Europese rapport dat de achteruitgang van de
wereldwijde soortenrijkdom momenteel honderd tot
duizend keer sneller gaat, dan op basis van een
natuurlijk verloop mag worden verwacht.
Schamen
,,De economische risico’s alleen al
rechtvaardigen een scherpere Europese koers. En
dan hebben we het nog niet eens over de waarde
van natuur en de verscheidenheid aan plant- en
diersoorten op zich. Met ons welvaartsniveau
moeten we ons diep schamen voor een verder
verlies van soorten ,’’ zegt Johan van de
Gronden, algemeen directeur van het WNF.
Het WNF pleit ervoor dat de EU
- ambitieuzere doelen stelt om de soortenrijkdom
in Europa te bewaren.
- betere meetinstrumenten ontwikkelt om het
verloop van de soortenrijkdom in Europa te
volgen.
- meer geld ter beschikking stelt om plant- en
diersoorten te beschermen en Natura2000 gebieden
in te stellen en te beheren.
- bij alle relevante beslissingen over
toekomstig beleid laat meewegen hoe dit de stand
van de Europese plant- en diersoorten positief
kan beïnvloeden.
Bron: WNF.nl

De natuur en de daarbij
horende biodiversiteit zijn ook essentieel voor
het voortbestaan van de mens. Als we de
biodiversiteit nu beschermen, kunnen we een
schone en een gezonde wereld voor onze kinderen
nalaten. Hoe kunnen we de biodiversiteit
behouden? Er zijn eigenlijk twee manieren; we
kunnen soorten beschermen. Bijvoorbeeld door het
redden van bedreigde soorten, of hele
ecosystemen beschermen, bijvoorbeeld door het
opzetten van natuurreservaten in soortenarme of
bedreigde gebieden.
Maar er zijn twee problemen bij het behoud van
biodiversiteit; niemand weet precies het totale
aantal soorten op aarde én er is weinig tijd om
de totale biodiversiteit te beschermen. Voordat
we het weten zullen veel soorten ongezien
verdwijnen. Wetenschappers proberen dus zo snel
mogelijk de biodiversiteit op aarde in kaart te
brengen terwijl natuurbeschermers en politici
proberen oplossingen te vinden voor de
schadelijke invloeden van de mens.
Oplossingen voor overbevolking
Elk organisme heeft ruimte nodig om te leven.
Iedereen moet de beschikbare ruimte goed met
elkaar delen om comfortabel te kunnen leven.
Ruimte echter wordt met onze snel groeiende
bevolking een steeds schaarser goed.
We zijn nu al 6,9 miljard mensen op aarde en met
zijn allen leggen wij een groot beslag op de
natuur en de natuurlijke hulpbronnen.
De aarde
krioelt van het leven. Bijna 2 miljoen dieren,
planten, zwammen en micro-organismen bevolken
onze planeet. Maar het aantal soorten neemt al
jaren af en daarom hebben de VN 2010 uitgeroepen
tot het Internationaal Jaar van de
Biodiversiteit. De soortenrijkdom in de tropen
is de afgelopen 35 jaar met 50 procent gedaald.
Menselijk handelen is vaak de directe aanleiding voor
het uitsterven van plant- en diersoorten. Dat blijkt uit
de nieuwe Rode Lijst* van de IUCN** die is verschenen.
De lijst, die jaarlijks verschijnt, geeft een overzicht
van de status van wereldwijd voorkomende plant- en
diersoorten. Een groot deel van de wereldwijd bekende
amfibieën (30%) en zoogdieren (21%) staat op het punt
van uitsterven. Bovendien wordt maar liefst 70% van de
onderzochte planten en 37% van de onderzochte
zoetwatervissen in meer of mindere mate bedreigd.
|